Het modulaire opleidingssysteem

Rathega heeft sinds 1993 een opleidingssysteem met kleinschalige cursussen (maximaal 12 deelnemers). Iedere module bestaat uit twee zaterdagen. Verder is er een aantal nascholingsdagen. De docent is N. Westerman. De opleiding is bedoeld voor artsen, tandartsen, dierenartsen en therapeuten. Module 1 (de basismodule) kan worden gevolgd door praktijkassistenten die betrokken zijn bij de diagnostiek en de therapie. Alle modules gaan vergezeld van uitgebreide cursusboeken waarin veel achtergrondinformatie is opgenomen. De cursussen zijn geaccrediteerd door de NAAV (de Nederlandse Artsen Acupunctuur Vereniging) en door de ABB (Artsen Vereniging voor Biofysische Geneeskunde en Bioinformatietherapie).

Rathega module 1

Module 1 is de basismodule waarin de vier verschillende testmethoden van het systeem, die allemaal op de biotensor zijn gebaseerd, worden behandeld. Deze testmethoden zijn: - de potentiaaltest waarmee de hoeveelheid energie, de qi, wordt bepaald, - de polariteittest waarmee vanuit westers perspectief op activiteit en functieniveau wordt getest en waarmee vanuit het gezichtspunt van de traditionele Chinese geneeskunde het yin-yang evenwicht van een biologisch systeem wordt vastgesteld, - de Beziehungstest die de aard van de betrekking tussen objecten en personen vaststelt. De test wordt als medicamententest gebruikt, de Vegatest wordt ermee uitgevoerd en therapie-apparatuur kan ermee worden ingesteld, - de Haakse Potentiaaltest (HPtest), de belangrijkste test uit het systeem, die binnen Rathega is ontwikkeld en die vooral wordt gebruikt om pathologie mee op te sporen. Met de HPtest wordt een radiësthetisch lichamelijk onderzoek uitgevoerd. Vanuit de beheersing van deze 4 testmethoden is een uitgebreide en diepgaande diagnostiek mogelijk en kan radiësthesie bij diverse therapeutische methoden worden toegepast. Dat geldt onder meer voor: homeopathie (keuze tussen twee similia), orthomoleculaire geneeskunde (uittesten van in aanmerking komende middelen), acupunctuur (opsporen van acupunctuurpunten die voor behandeling in aanmerking komen, hulpmiddel bij het vaststellen van de manipulatiemethode van individuele acupunctuurpunten), neuraaltherapie (hulpmiddel bij het vinden van stoorvelden), kleurentherapie (in aanmerking komende kleuren uittesten), elektrotherapie (geschikte frequenties en stimulatie-intensiteit uittesten), bioresonantietherapie (programma's uittesten), wervelmanipulaties bij chiropraktie en manuele therapie (wervelblokkades opsporen), enzovoort. Maar ook bij de keuze van reguliere medicatie, zoals antibiotica, antidepressiva, pijnstillers, enzovoort en de instelling van fysiotherapeutische apparatuur, kan de biotensor een nuttig hulpmiddel zijn. De radiësthesie eigen heeft Rathega een module geopatie, waarin de diagnostiek van geopathische belasting en een ontstoortechniek aan de orde komen. Deze module is geïntegreerd in module 1.

Rathega module 2

Module 2 is een verdere verfijning van de diagnostiek waarbij gebruik wordt gemaakt van het systeem 'dominantietesten en filteren' dat binnen Rathega is ontwikkeld, onder meer vanuit de principes van de Vegatest. De methode berust op 'een dialoog' met het lichaam via de biotensor, waarmee in respons op specifieke stimuli de meest uiteenlopende diagnostische en therapeutische vragen kunnen worden beantwoord. Met dominantietesten kunnen causale relaties worden getest en causale verbanden binnen het lichaam in kaart worden gebracht. Pathologische locaties (zoals organen) kunnen andere locaties, waarmee ze fysiologische relaties onderhouden, ziek maken. Aandoeningen kunnen andere aandoeningen veroorzaken, of 'de poort vormen' waardoor andere aandoeningen zich hebben kunnen ontwikkelen. Binnen het organisme kunnen diverse zogenaamde causaliteitsketens van pathologie voorkomen, waarbij een primaire pathologie een diversiteit aan secundaire pathologische processen kan veroorzaken en onderhouden. Het behandelen van secundaire (gevolg-) pathologie heeft doorgaans hoogstens een kortdurend therapeutisch effect. Voor een duurzaam resultaat is het essentieel dat de causale pathologie wordt behandeld. Behalve het kunnen testen van causaliteit, wat hiervoor een voorwaarde is, kan met dominantietesten uit een groep aansprekende geneesmiddelen degene met de meest brede, diepgaande werking worden geselecteerd. Uit een aantal pathologische acupunctuurpunten kunnen de meest relevante worden gekozen. Met filteren kan een diversiteit aan diagnostische en therapeutische vragen worden beantwoord. Aandoeningen kunnen ermee worden gelokaliseerd, de ernst van aandoeningen kan ermee worden bepaald en met de methode kan een therapie op effectiviteit en verdraaglijkheid worden getest. Verder worden in module 2 gestimuleerde therapie en symptomatische velden behandeld. Bij gestimuleerde therapie wordt de betreffende pathologie geactiveerd, waardoor de toegepaste therapie (acupunctuur, bioresonantietherapie, e.d.) een diepgaandere werking krijgt. Symptomatische velden zijn als het ware parallelle biofysische velden waarbinnen specifieke pathologie uit kan worden geselecteerd. Pathologie is binnen symptomatische velden in 'aangescherpte staat' aanwezig. Dat betekent een toegenomen toegankelijkheid voor diagnostiek en therapie.

Rathega module 3 en 4

Module 3 en 4 van Rathega gaan over het biofysische systeem dat zich 'onder de oppervlakte' bevindt. De ontdekking van 'verborgen' biofysische ruimten of velden stamt uit 1994. Er is toen met een bepaalde testmanoeuvre gevonden dat er een groot aantal biofysische ruimten of velden bestaat die specifieke functies binnen het organisme vervullen en die (voor een deel) verantwoordelijk kunnen zijn voor de aandoeningen waar de patiént aan lijdt. Binnen Rathega zijn methoden ontwikkeld waarmee dergelijke 'diepe' pathologische processen kunnen worden opgespoord en behandeld.

Module acupunctuur

Naast de vier modules (waarin de nodige aandacht aan acupunctuur wordt gegeven) heeft Rathega een aparte module acupunctuur. Het is mogelijk op geleide van de biotensor, maar wel in alle opzichten volgens de principes van de traditionele Chinese geneeskunde, een acupunctuurbehandeling in te stellen die is afgestemd op de bio-energetica van de individuele patiént. Via de combinatie van het onderzoek van de potentiaal en de polariteit kan - in principe op iedere locatie - met de biotensor een diagnose volgens de traditionele Chinese geneeskunde worden gesteld. Dat kan een zinvolle aanvulling betekenen op het traditionele Chinese pols- en tongonderzoek. Via de HPtest worden pathologische acupunctuurpunten gevonden. Het is mogelijk om pathologische acupunctuurpunten ten opzichte van elkaar op therapeutische dominantie te testen. Dat kan een aanzienlijke besparing van het aantal benodigde naalden geven. De Beziehungstest geeft een indicatie of behandeling van specifieke pathologische punten therapeutisch zinvol is. De combinatie van de verschillende testmethoden staat toe de manipulatiemethode, de stimulatie-intensiteit en de stimulatieduur van individuele punten vast te stellen.